Hoe kunnen we de beste onderwijsomgeving van morgen bouwen?
< Naar alle berichten

Hoe kunnen we de beste onderwijsomgeving van morgen bouwen?

Een samenvatting van de resultaten uit de workshop

Onderwijs is deels een afspiegeling van ontwikkelingen in de wereld om ons heen en heeft effect op het leren en de leeromgeving. Ontwikkelingen als blended learning, leren vanuit leerstijlen, gedifferentieerd of gepersonaliseerd leren maken ook dat de rol van de docent en van de leeromgeving verandert. Daarnaast verandert de arbeidsmarkt in hoog tempo. Hoe kunnen we met deze snelle ontwikkelingen in de wereld om ons heen de beste onderwijsomgeving van morgen bouwen? 25 onderwijsprofessionals dachten tijdens het evenement ‘’Waar-leer-jij?’’ op de Haagse Hogeschool met ons mee.



Door: Bahar Akbarian en Merel de Boer

 

Waarom lukt het nog niet?
Veranderen kost veel tijd, is eng, gaat moeizaam en daarnaast is er conservatisme in het onderwijs. Het helpt niet dat het gevoel van urgentie om te veranderen mist bij een groot aantal medewerkers en docenten. 

Bovendien worden medewerkers en ook docenten gedurende verandertrajecten doorgaans te weinig betrokken bij dit proces, waardoor zij zich niet tijdig kunnen aanpassen aan de nieuwe situatie en er weerstand ontstaat.

Wat gebeurt er als we niks doen?
We kunnen er ook voor kiezen om ons niks aan te trekken van wat er om ons heen gebeurt, en de dingen blijven doen zoals we dat al jaren doen. Maar dan zal de link tussen het onderwijs en de wereld daarbuiten dunner en dunner worden, met het risico dat er een mismatch ontstaat tussen studenten en docenten waarbij het onderwijs en de onderwijsomgeving niet aansluiten bij de levensstijl en de belevingswereld van studenten en de buitenwereld.
Het doemscenario wordt realiteit: studenten worden verkeerd opgeleid, raken hun motivatie, veerkracht en werklust kwijt, vinden geen baan etc. én docenten verliezen hun inspiratie, werklust en toewijding.

Differentiëren & variëren

We weten dat veranderen veel tijd kost, lang duurt en moeilijk is, maar niks doen is geen optie. Ook zijn we het er snel over eens dat enkel instrueren in hét klaslokaal niet de ideale leersetting en leeromgeving van de toekomst is.
De oplossing is een variatie aan leervormen, leerruimten en functionaliteiten. Dit biedt letterlijk de ruimte om de 21st century skills te trainen. Hierbij moeten we onszelf de vragen stellen: HOE willen wij onderwijs geven? En de ruimten daarop aanpassen?

Er moeten fijne, aantrekkelijke en afwisselende plekken zijn om te ontmoeten, te binden, te ervaren en uiteraard te leren. Tegelijkertijd versterken de fijne plekken de aantrekkelijkheid van de onderwijsinstelling, waardoor het ook goede marketing voor de school zal zijn.

Ander onderwijs en een andere onderwijsomgeving betekenen ook een nieuwe, meer coachende rol voor docenten, met als voorwaarde voor het toekomstige onderwijs dat docenten deze nieuwe rol eigen maakt en hier ook naar handelt.

Experimenteren helpt
Het klinkt makkelijk, meer variëteit in leervormen, leerruimten en functionaliteiten waarbij vanuit het onderwijs wordt beredeneerd waar behoefte aan is. Maar wat is er nodig om te veranderen? En wat helpt ons daarbij? Start met het bezoeken van geslaagde voorbeelden, deze bieden inspiratie tegen de heersende angst voor verandering en scepticisme. Zet daarnaast goed opgezette verandertrajecten op met early adopters vanuit de onderwijsteams, zij maken het verschil als het aankomt op het tegengaan van angst.

Omdat verbouwen of nieuw bouwen ingrijpend is, veel geld en tijd kost, is het noodzaak om te experimenteren. Organiseer aan het begin van verandertrajecten kleine pilots in bestaande ruimten zodat studenten en docenten al ervaren hoe hun nieuwe onderwijsomgeving kan worden. Dit biedt nieuwe inzichten en neemt veel weerstand weg.

Wat levert het op?
Door mee te bewegen met de ontwikkelingen om ons heen sluit de onderwijsomgeving beter aan op de belevingswereld van studenten, is het onderwijsgebouw aantrekkelijk, maar bovenal verbeteren de prestaties van docenten en studenten en zijn studenten beter toegerust voor vervolgonderwijs en de arbeidsmarkt.

 

Aan de slag

Durf, laat zien, experimenteer, ervaar, faal en begin opnieuw want afwachten is geen optie. De nieuwe status quo is de ‘bèta fase’ waarin we ons continu bevinden, we experimenteren en nemen de uitkomsten mee om beter te worden.

Door aan elkaar te laten zien wat we doen ontstaat de nieuwe onderwijsomgeving die flexibel kan schakelen met de maatschappelijke ontwikkelen van nu én straks.

Aanmelden voor onze nieuwsbrief?

Meer weten?

Neem contact op met: 
Merel de Boer of Bahar Akbarian